1 2 3

Het originele Hanzepaardje

Hanzestad Harderwijk
In de late middeleeuwen dreven Nederlandse kooplieden uit steden als Kampen, Zwolle, Zutphen, Doesburg, Elburg en Harderwijk handel met kooplieden en steden in Noord-Duitsland en rond de Oostzee. Kooplieden en steden uit deze streken gingen in de loop van de dertiende eeuw met elkaar samenwerken. Dit verbond werd de Noord-Duitse Hanze genoemd, kortweg de Hanze. Het doel van de Hanze was zoveel mogelijk te handelen en de kooplieden te beschermen.

Er werd toen vooral handel gedreven in graan, vis, hout, pelzen, en bier uit Noord-Duitsland en het Oostzeegebied. Die goederen werden vervoerd in koggen, dé moderne handelsschepen uit die tijd. De ladingen werden naar Hanzesteden vervoerd en voor een deel doorverkocht naar steden in het achterland of naar gebieden buiten het verbond, bijvoorbeeld Zuid-Europa. Andersom brachten de Hanzekooplieden producten uit Engeland, Frankrijk en andere landen naar het Oostzeegebied.

De Hanzesteden hielpen elkaar. Zo werden er afspraken gemaakt over maten, gewichten en munten. Door samen te werken stonden de steden ook sterker tegenover koningen en hertogen. Ook maakten zij afspraken om samen te reizen. Dat was veel veiliger dan alleen te gaan, piraterij kwam toen veel voor, met name in de Noordzee en de Oostzee. Door de handel zijn de Hanzesteden groter en rijker geworden.

Wij weten niet precies wanneer Harderwijk lid is geworden van de Hanze, maar zeer waarschijnlijk al vóór 1280. De kleine Hanzestad Harderwijk sloot toen namelijk een verdrag met de Duitse Hanzesteden Hamburg en Rensburg om gevangenen en goederen uit te wisselen. Harderwijk was een actief Hanzelid. De stad nam deel aan oorlogen en acties tegen piraten. Zo werd in 1387 de Harderwijker Tidemans slachtoffer van Noorse piraten. Gelukkig voor hem liep het uiteindelijk goed af.

In de loop van de zestiende eeuw werden Hanzesteden minder belangrijk, onder andere omdat ze niet goed meer samenwerkten. Ze kregen bovendien stevige concurrentie van steden buiten de Hanze. Dit brak het verbond uiteindelijk op. Antwerpen, niet veel later gevolgd door Amsterdam, werden internationale handelssteden, belangrijker dan de Hanzesteden. Door de ontdekkingsreizen kwam er toen veel meer handel met Oost- en West-Indië en Amerika. Voor Nederland bleef de handel met het Oostzeegebied echter nog belangrijk.

Paardgewichtje

Één van de belangrijkste overblijfselen uit de Hanzetijd voor Harderwijk is het paardgewichtje dat in 1999 door de Harderwijker John ten Pierick werd gevonden in de buurt van zwembad De Sypel. Dit kleine paardje is 6 x 4,4 x2 centimeter groot en weegt 80 gram. Het is omstreeks 1300 in Noorwegen gemaakt. Haakon V (1270-1319) was destijds koning van dat land. Vandaar de letter H op het paardje.

Dergelijke paardjes werden gebruikt om de waarde van gouden of zilveren munten te bepalen. Je kunt het een standaardgewicht noemen. Toen het paardgewichtje nog heel was, woog het 87,5 gram en dat kwam overeen met een halve mark. Helaas mist het paardje een deel van z’n rechter achterbeen, waardoor het waardeloos werd. De zuiverheid van munten kon er daarom niet meer mee worden bepaald. Het paardje werd weggegooid in een beerput, een put waarin stront werd opgevangen, er waren toen nog geen wc’s. De inhoud van zo’n put werd gebruikt om het land te bemesten. In die tijd was De Sypel landbouwgrond. Pas later is dit gebied binnen de stad komen te liggen. Vandaar dat dit paardje ongeveer zevenhonderd jaar later daar is gevonden en nu in het Stadmuseum Harderwijk bewonderd kan worden!

Download de flyer